Corona·Geloof·God·Politie

Schor van het schreeuwen

Ik roep tot God, de Allerhoogste, tot God, die Zijn werk aan mij voltooien zal.
Psalm 53:7

Op het moment dat ik besloot de cognitieve test alleen te doen wist ik dat het me fataal zou worden. Ik wist dat ik het niet zou halen. Waar ik eerder op Facebook dapper bovenstaand Schriftgedeelte deelde omdat ik mij er door bemoedigd voelde, wist ik ook dat ik eroverheen moest kijken. Ik had zelfs het lef om op mijn tijdlijn te zetten dat ik overmoedig over kon komen. Dat ik een flater kon slaan. En ik dacht… Dat het misschien wel betekende dat dit moment, dat in mijn hoofd al een jaar MIJN moment had moeten zijn, niet het moment is. En ik dus maar beter mensen voor kon bereiden dat ik op het punt stond mijn ambitie politie even on hold te moeten zetten.

Ik kon de reacties niet lezen. Ik wist wat de uitslag zou zijn. Ik wist dat ik vooral mijzelf teleur zou stellen en God zij mij genadig, niet ook nog eens Hem te kak zou zetten.
Ik schreef namelijk ook op Facebook dat ik al dagen tegen de test aanhikte, dat de rekenreeksen die ik op het voorbeeldfilmpje had bekeken mij zo in paniek brachten dat ik door de tranen niet eens de reeksen meer zag, laat staan ze op kon lossen. Ik deelde ook mijn grootste kwetsbaarheid, namelijk het wetenschappelijke aspect van mijn wezen waar ik mij serieus voor schaam… Mijn angst voor rekenen, cijfers én mijn gebrek aan ruimtelijk inzicht werd mij enkele maanden geleden al te gortig… Ik dacht dat te kunnen tackelen. En dat lukte. Ik zat veilig zolang ik maar fysiek de testen kon doen én mij kon verantwoorden waarom ik deed wat ik deed en waarom ik het doe zoals ik het doe. Maar nu zat ik voor de test. Alleen. Online. Vanwege Corona. Dus uiteindelijk tackelde ik het niet.

Het advies de rekenreeksen samen met iemand te doen in de wind slaande omdat mijn geweten dat niet aankon. Want inmiddels had ik al 30 keer het oefenfilmpje bekeken en gehoord ‘hoe belangrijk het is dat ik hem alleen doe.’ Ik begon bij de vierde keer zelfs maar gefrustreerd terug te praten tegen recruiter Milou die mij lieflijk te woord stond over dat waar ik de pleuris aan heb.
Want ik wist dat Milou mij er niet doorheen zou kunnen kletsen. De politie zou aan mijn neus voorbij gaan. En dat gebeurde.
Dapper begon ik met de test. Terwijl ik hardop tegen mijzelf zei: Beter integer alleen op mijn bek gaan, dan aan het begin van mijn procedure samen bluffend ten onder omdat uiteindelijk alsnog op mijn bek zal gaan.

Enkele maanden geleden dus… Ik wist dat de IQ test van de politie mij problemen kon bezorgen als ik niet op voorhand wat dingen scherp zou stellen. Ik wist namelijk ook dat ik niet dom ben. Het is bijna arrogant, maar in de context van dit blog doe ik daar genoeg aan af, dus ik ga met de billen bloot. Ik ging een onderzoek voor hoogbegaafdheid aan. Qua zijnskenmerken scoor ik namelijk best plausibel en mijn manier van zijn is behoorlijk buiten de maatstaf. Dat ik op een geheel HB profiel mij enkel niet kon vinden op rekenkundig gebied baarde mij geen zorgen. Want juist dat aspect kon mij problemen bezorgen als het om testen ging en wilde ik kunnen onderbouwen met ‘slim zijn in de rest’. Dus hoogbegaafd scoren in een speciaal aangemeten test. Dat zou de oplossing zijn, ik bedoel… alles klopte. Ik zou kunnen weerleggen dat ik anders werkte omdat ik gewoon anders werkte. En dit gebeurde niet. Het klopte niet. En toch klopte het.
Ik tikte hoogbegaafd aan. En was onomstreden zwakbegaafd op gebied van cijfers. Ik scoor uiteindelijk gemiddeld. Dat ik fungeer als een hoogbegaafde is leuk en aardig maar de discrepantie is voelbaar in mijn botten. Mijn leven lang vermijden van rekenen en wiskundige tierelantijn hebben mij op dit cruciale punt niet slimmer maar dommer gemaakt en dat kreeg ik nu zwart op wit.
Dat ik niet als hoogbegaafde de boeken inga interesseert me geen donder. Mijn hart is oké en dat is waar het leven om draait.

Maar dat ik nu bewezen ten onder zou gaan op rekenen brak mijn hart. Toch bracht het verslag van het onderzoek de hoop die ik nodig had en waarom ik dit aan was gegaan ver voor de vacature van de door mij gedroomde baan online ging.
De onderzoeker schreef namelijk letterlijk waar het probleem zat. Namelijk dat ik nooit heb leren leren, dat de paniek hierover mij blokkeerde, dat ik zelf maar een draai aan het leven heb gegeven, daarin bovengemiddeld en prima functioneer en dat de uiteindelijke uitslag misschien wel een kwestie is van zelfs onderpresteren op een nogal imponerende IQ test.
Ik was blij als een kind met haar woorden. Niet de hoogbegaafdheid zou me redden, maar het feit dat ik het niet was vanwege mijn gebrek aan cijferigheid. Het werd onderbouwd dat ik gewoon een probleem in mijn basis heb liggen! Ik had het fundament kunnen geven in het psychologisch onderzoek waar ik fysiek in gesprek zou gaan. 

Maar dit gebeurde niet.
Want ik zat een week geleden huilend achter een online IQ test waarin ik de ballen niet had om vals te spelen omdat ik wist dat dit een vuistslag in mijn gezicht op langer termijn kon zijn. Ik had namelijk ook niet bij verificatie ‘ineens’ gemiddeld kunnen scoren en zou dus na een eventuele aanname alsnog afgewezen kunnen worden op het boeltje bedriegen.
Tijdens de test hijgde het tijdsbalkje in mijn nek. Zwarte vlekken danste voor mijn ogen. Cijfers vlogen over het beeld terwijl de reeksen toch echt genadeloos en onbeweeglijk om aandacht schreeuwde die ik niet op kon brengen, zelfs niet in de hyperfocus waar ik bekend om sta.
Drie martelende kwartieren verder was ik op. Moe. Leeg. Diep en diep verdrietig en kijk ik verbouwereerd naar mijn hand waar tandafdrukken in stonden.
Mat staarde ik naar het genoemde Bijbelvers. Wetend dat het mij troost zou moeten geven. Ook wetend dat MIJN moment nog niet HET moment zou zijn…

Het andere aspect wat ik geprobeerd had te omzeilen faalde eveneens. Want hoewel ik fluitend door de taaltest heenfietste, vermaakt de 250 vragen over mijn levensinstelling beantwoordde kwam daar de ‘heftige gebeurtenissen test’. Ook hier kon ik ook niet liegen. En ook hier… Had ik verbaal mijn reet kunnen redden. Kunnen laten zien wie ik ben, hoe ik in het leven sta en waarom ik van zover tot hier ben gekomen.
Maar de vragen: bent u in aanraking geweest met jeugdzorg, heeft u ervaringen met misbruik, heeft u wel eens medicijnen voor psychische problemen gebruikt, bent u wel eens suïcidaal geweest (ooit, ook vroeger!), bent u ooit verslaafd geweest, bent u ooit onder behandeling geweest van een psychiater en meer van dat soort goed dat ik alleen maar kan gebruiken binnen het politiewerk, dat werd mij droog in een grafiek voor mijn voeten gegooid. Ik glimlachte treurig toen de vraag: ‘Heeft u één van uw ouders verloren?’ voorbij kwam. Ik was geadviseerd mijn traumatische gebeurtenissen bij dit ene levensbepalende aspect te laten en dat had ik gedaan als het open vragen waren geweest… Maar nu, wetende dat oneerlijke of halve antwoorden in mijn geval in boek en blog traceerbaar zijn, brak opnieuw mijn hart. Voor het eerst vond ik dat ik een boektitel verdiende: ‘Het verrotte leven van Natasja…’

Want ik breek op het punt dat de vraag komt: ‘Heeft u ooit in echtscheiding gelegen?’
Ik kan hier nu niet eens over uitweiden, want ik wil een soort van verantwoorden dat ik uiteindelijk niet voor de politie ben gekozen, maar de titel is er eentje waarvan ik God op Zijn woord neem.
Ik ben schor van het schreeuwen. Naar Hem, die Zijn werk in mij voltooien zal.
Het verklaart in ieder geval de stilte in mijn online bezigheden. En zal dat ook nog wel even blijven doen. Het verklaart ook waarom dingen zijn zoals ze zijn. Soms zijn ze de tijd nog niet.

Want ik snapte dat ik nog maar twee uur later een mail kreeg. Een mail met daarin de simpele afwijzing en de PDF met de uitslag van de ‘onderzoeken’. Ik heb hem niet eens gelezen. Zo fysiek hoefde het van mij niet meer.

Mijn blogs zijn altijd transparant. Transparantie laat menselijk falen zien. Daar waar ik als perfectionist de grootste problemen mee heb. Gelijktijdig zegt de header (binnenkomer) van mijn blog:
‘Mensen en verhalen. Een onlosmakelijke combi. Net als de zon en de zee. Elke dag komt hij weer op én duikt weer weg in die prachtige oceaan. Soms is het stil water, maar veel vaker een golfslagbad. Surf je mee op de golven?’

Hoe ironisch. Dat je met je eigen tekst in je gezicht geslagen wordt. Dus… Surf je mee de komende maanden? Weer even draagkrachtig zijn en leren leren dat ongewild moeten leren helemaal zo erg niet is. Voor deze context gaat dat om komend half jaar keihard exposure toepassen te leren dealen met cijfers. Maar ten diepste gaat het in deze levensfase om het leren leren dat je ook kunt surfen als niet alles op rolletjes gaat. Voor nu lig ik even op m’n plank. Ik dobber wat. Ik zie de zon zakken en hij gaat écht weer opkomen…

Ik roep tot God, de Allerhoogste, tot God, die Zijn werk aan mij voltooien zal.
Psalm 53:7

2 gedachten over “Schor van het schreeuwen

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s